Deze Technische Voorlichting (TV) vormt het derde aanvullende deel op de TV 283 ‘Plaatsen van buitenschrijnwerk. Deel 1: algemene aspecten’.
In dit deel zullen er plaatsingsoplossingen voorgesteld worden in de vorm van technische fiches voor houten vensters, geplaatst in wanden, voorzien van een ETICS (zie hoofdstuk 2, p. 11).
De volgende plaatsingssituaties zullen onderzocht worden:
- type A: plaatsing van het vensterkader in opbouw zonder neg (gelijkliggend met de bepleistering)
- type B: plaatsing van het vensterkader verzonken in de draagmuur (terugliggend)
- type C: plaatsing van het vensterkader gelijkliggend met de buitenzijde van de draagmuur
- type D: excentrische plaatsing van het vensterkader ten opzichte van de draagmuur (in opbouw)
- type E: plaatsing van het vensterkader tussen de dagkanten van de draagmuur.
In de voorliggende Technische Voorlichting wordt de aandacht toegespitst op de types B, C en D omdat het hier gaat om de plaatsingssituaties die het vaakst toegepast worden bij houten vensters. De plaatsingssituatie D (excentrisch) geniet hierbij de voorkeur aangezien het in dit geval eenvoudiger is om te voldoen aan de eisen voor EPB-aanvaardbare vensteraansluitingen (zie § 1.3, p. 6).
Voor elke plaatsingsoplossing uit de technische fiches worden de volgende vier aspecten in beschouwing genomen:
- de waterdichtheid van de vensteraansluiting
- de luchtdichtheid van de vensteraansluiting
- de akoestische prestaties van de vensteraansluiting
- de thermische prestaties van de vensteraansluiting