- De vensterdorpels (met opstanden aan de zijkanten en aan de achterkant) moeten toelaten om het regenwater af te voeren en weg te leiden van het gevelvlak.
- Ze zouden een afwaartse helling van minstens 5 % moeten vertonen.
- De neus van de dorpel zou idealiter minstens 50 mm van het gevelvlak verwijderd moeten zijn en de druipneus minstens 30 mm.