4. Proeven en criteria voor het gebruik van natuursteen in de bouw
| Buitentoepassingen | Methode | |
|---|---|---|
| Belgische methode NBN B 27-009 (mm Hg) (1) | Europese methode NBN EN 12371 (2010) (aantal cycli) |
|
| Bestratingen en vloerbedekkingen | 650 | 140 |
| Elementen in contact met de grond | 650 | 140 |
| Opgaande, niet-verticale delen of elementen die uit het gevelvlak springen | 600 | 84 |
| Elementen van massief metselwerk | 500 | 56 |
| Dunne (geventileerde) gevelbekledingen | 400 | 14 |
| (1) De geteste steen moet voldoen aan de proef na impregnatie met water bij de aangegeven onderdruk. | ||
Tabel 17 Specificaties voor de vorstbestendigheid, afhankelijk van de toepassing.
| Gebruik | Voorbeelden |
|---|---|
| Intens collectief gebruik | Drukke hallen in stations, luchthavens, winkelgalerijen, … Inkomhallen van woongebouwen met meer dan 30 appartementen Gemeenschappelijke ruimten van kantoorgebouwen met meer dan 50 werknemers Supermarkten, groothandelszaken, … |
| Normaal collectief gebruik | Inkomhallen van woongebouwen met minder dan 30 appartementen Gemeenschappelijke ruimten van kantoorgebouwen met minder dan 50 werknemers Middelgrote handelszaken |
| Individueel gebruik | Alle particuliere woonvertrekken Opmerking : in deze categorie zijn de meest belaste oppervlakken deze die rechtstreeks van buiten toegankelijk zijn. |
Tabel 18 Klassen van blootstelling van een vloer aan slijtage.
| Gebruik | Methode | |
|---|---|---|
| Amsler (NBN B 15-223) (mm/1000 m) |
Capon (NBN EN 14157) (mm) | |
| Intens collectief gebruik | 4 | 24 |
| Normaal collectief gebruik | 8 | 35 |
| Individueel gebruik | 12 | 42 |
Tabel 19 Specificaties voor de slijtsterkte.
![]() |
|
Afb. 33 De proefopstelling voor de marmerproefstukken tijdens de cycli van de buigingstest.
