Afb. 1
1. Metalen verstevigingsplaat bij grote buisdiameters (zie TV 239, § 2.2.5)
2. Dakwaterafvoer
3. Dakafdichting
4. Afdichtingsstrook of bitumineuze onderlaag
5. Afdichtingsstrook
6. Bolrooster (eventueel)
7. Dampscherm (zie TV 280, hoofdstuk 6)
8. Verlaagde thermische isolatie om de verzonken plaatsing van de plakplaat toe te laten
9. Geprofileerde staalplaten
1. Metalen verstevigingsplaat bij grote buisdiameters (zie TV 239, § 2.2.5)
2. Dakwaterafvoer
3. Dakafdichting
4. Afdichtingsstrook of bitumineuze onderlaag
5. Afdichtingsstrook
6. Bolrooster (eventueel)
7. Dampscherm (zie TV 280, hoofdstuk 6)
8. Verlaagde thermische isolatie om de verzonken plaatsing van de plakplaat toe te laten
9. Geprofileerde staalplaten
De combinatie van bitumineuze afdichtingen zonder UV-bescherming met onbeschermde loden of zinken toebehoren (goten, grindvang …) kan soms aanleiding geven tot een snelle corrosie van het metaal . Bij gebruik van dergelijke afdichtingen strekt het dus tot aanbeveling om het metaal van een aangepaste coating te voorzien (en periodiek te onderhouden) of om de afdichting te beschermen tegen een directe bezonning (leislag, ballast …, zie TV 280). Voor daken met een dampscherm vanaf klasse E2 of in geval van een sterke windbelasting dienen de openingen tussen de dakwaterafvoer en de dakvloer perfect dampdicht (en luchtdicht) gemaakt te worden. Hiertoe zijn er diverse tweeledige geprefabriceerde waterafvoeren in de handel beschikbaar (zie TV 244, afbeelding 9), die toelaten om een waterdichte aansluiting te realiseren ter hoogte van de afdichting en het dampscherm en dit, zonder het dampscherm te onderbreken. De dakwaterafvoer dient mechanisch bevestigd te worden op de stalen plooiplaten om te weerstaan aan de windkrachten, de krimp van de afdichting, de vervorming van de dakvloer … De dakwaterafvoer zou zich op het laagste punt van de afschotlijn moeten bevinden en dit, liefst in een speciaal hiertoe voorziene uitsparing of verdieping in de dakvloer. De aansluiting gebeurt met een aparte afdichtingsstrook (nr. 5) die niet tot op de isolatie mag doorgetrokken worden om een meerdikte ten gevolge van de overlapverbinging te vermijden. In deze fiche gaat het over de uitvoering van eenlaagse bitumineuze afdichtingen. De uitvoeringsprincipes voor meerlaagse bitumineuze afdichtingen ter hoogte van de dakwaterafvoer zijn voorgesteld in de volgende schema's.