Dakrand bij dakhellingen tussen 2 en 5 % met een geïsoleerde opstand (omkeerdak). Plastomere afdichting

Terug naar : bouwdetails
Referentienummer:
1080
Publicatiedatum:
Bouwelementen:
Bron:

TV__244__Fiche 080-3-0


1. Dragend metselwerk
2. Gevelmetselwerk
3. Spouwisolatie door gedeeltelijke vulling (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
4. Dakvloer
5. Tussenafstand ter bevestiging van de spouwafdekking (± 330 mm)
6. Afdichting van de opstand
7. Dakafdichting
8. Thermische isolatie in XPS (waarvan de dikte afgestemd dient te worden op de geldende thermische regelgeving)
9. Spouwafdekking
10. Metalen klangen
11. Muurkap
12. Hellingslaag
13. Thermische isolatie van de dakopstand (XPS met een lichte mortelafwerking)
14. Ballastlaag
15. In de dakopstand bevestigde houten kepers
16. Scheidingslaag
17. Overlapverbinding, voor eventuele kimfixatie (zie TV 244, § 5.4.3)
De noodzaak van een kimfixatie bij plastomere afdichtingen is afhankelijk van de plaatsingswijze van de afdichting, van de afwerking van de dakopstanden en het feit of van de afdichting al dan niet gewapend is. Dit wordt uitgebreid behandeld in TV 244, hoofdstuk 5 "Opstanden".

Als de dakopstand een ruwe ondergrond heeft, dient een scheidingslaag (niet-geweven polyester) voorzien te worden.

Voor bepaalde soorten plastomeren is een scheidingslaag vereist tussen de afdichting en de XPS-dakisolatie teneinde een migratie van weekmakers uit de dakafdichting te vermijden (zie technische specificaties van de fabrikanten).

Tussen de omkeerdakisolatie en de ballastlaag wordt een aangepaste scheidingslaag voorzien (bv. een niet-geweven polyesterdoek van minimaal 300 g/m³, zie ATG's). Dit is om te vermijden dat er stof of keitjes uit de ballastlaag in eventuele kiertjes tussen de isolatieplaten zouden kunnen vallen.


Gerelateerde publicaties